Enquêterecht bij zorginstellingen: een machtig juridisch wapen

Het enquêterecht is een machtig juridisch wapen in de zorg bij (bestuurlijke) impasses en mogelijk wanbeleid. Dit wapen is bijvoorbeeld ingezet bij de strijd rond het Slotervaartziekenhuis en Meavita. Betrokkenen kunnen dankzij dit recht de Ondernemingskamer vragen om een onderzoek naar mogelijk wanbeleid. Ook kunnen betrokkenen vragen om ingrijpende maatregelen te nemen, zoals vernietiging van besluiten of ontslag van bestuurders.

Enquêterecht bij Slotervaartziekenhuis en Meavita

Via een enquêteprocedure kan de Ondernemingskamer ingrijpen bij een zorginstelling. In de hoogopgelopen machtsstrijd om het Slotervaartziekenhuis gebruikte de familie Erbudak als minderheidsaandeelhouder dit middel om de gang van zaken rond de verkoop door de familie Schram te onderzoeken en zo mogelijk tegen te houden. In de Meavita-zaak spande de vakbond FNV de enquêteprocedure aan om wanbeleid te onderzoeken van de verantwoordelijke bestuurders en toezichthouders om hen hiermee zo mogelijk verantwoordelijk te kunnen stellen. Binnen drie maanden wordt volgens FNV een uitspraak verwacht in deze zaak. In dit artikel wordt kort uitgelegd wat het enquêterecht inhoudt.

Wie mag een enquêteverzoek indienen?

In de zorgsector moet je dan met name denken aan de volgende partijen:
a) de cliëntenraad (bij zorginstellingen in de vorm van een stichting of vereniging);
b) de zorginstelling zelf (vertegenwoordigd door haar bestuur en/of raad van toezicht);
c) de ondernemingsraad cq. een ander medezeggenschapsorgaan (zoals een centrale vertegenwoordigingsraad), indien dit is geregeld in de statuten;
d) 10% van de leden of ten minste 300 leden van een zorginstelling in de vorm van vereniging of coöperatie;
e) de houders van 10% van het geplaatst kapitaal of aandelen in nominale waarde van € 225.000,- van een zorginstelling in de vorm van een BV of NV;
f) de vakorganisatie (zoals FNV).

De cliëntenraad gebruikt incidenteel de enquêtebevoegdheid, blijkt uit de uitspraken van de Ondernemingskamer. Uit de zaken rond Zorgcentrum de Betuwe en Sherpa in 2010 blijkt dat het enquêterecht een sterk instrument kan zijn om een schending van medezeggenschapsrechten en van bestuurlijke tekortkomingen aan de orde te stellen. In beide zaken wees de Ondernemingskamer het enquêteverzoek toe.

Wat kan worden verzocht in een enquêteverzoek?

1. Verzoek tot onderzoek naar beleid en gang van zaken
Allereerst kan worden verzocht om een onderzoek in te stellen naar het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon. De Ondernemingskamer kan één of meer personen benoemen om een onderzoek in te stellen naar het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon, als er gegronde redenen zijn om aan een juist beleid te twijfelen.

Bij de beoordeling of er sprake is van gegronde redenen om aan een juist beleid te twijfelen kunnen veel omstandigheden een rol spelen. Vaak is er een impasse in de besluitvorming, die voortvloeit uit een conflict tussen bestuurders of uit een conflict tussen verschillende organen van een zorginstelling, zoals het bestuur, raad van toezicht of cliëntenraad. Bij de beslissing van de Ondernemingskamer of er een onderzoek moet worden ingesteld moet de Ondernemingskamer de belangen van de verschillende partijen tegen elkaar afwegen. De kosten van een eventueel onderzoek komen voor rekening van de vennootschap.

2. Verzoek tot voorzieningen
Ten tweede kan worden verzocht om voorzieningen te treffen. De Ondernemingskamer oordeelt op basis van het onderzoek of sprake is van wanbeleid. Is daarvan sprake, dan kan de Ondernemingskamer voorzieningen treffen.
Hierbij moet je denken aan de volgende voorzieningen:
a) schorsing of vernietiging van besluiten van de organen van een zorginstelling zoals die van het bestuur, de raad van toezicht en eventueel zelfs de cliëntenraad;
b) schorsing of ontslag van bestuurders en toezichthouders;
c) het tijdelijk aanstellen van andere bestuurders of toezichthouders;
d) het tijdelijk afwijken van statutaire bepalingen worden afgeweken.

3. Verzoek tot onmiddellijke voorzieningen tijdens onderzoek
In de praktijk is van groot belang gebleken dat de Ondernemingskamer ook onmiddellijke voorzieningen kan treffen voor zover dit door de toestand van de rechtspersoon of in het belang van het onderzoek vereist is. Zo benoemde de Ondernemingskamer bijvoorbeeld in de Slotervaartzaak, bij de ontstane patstelling tussen de familie Erbudak en de familie Schram of de overname van het Slotervaartziekenhuis al dan niet moest doorgaan, een tijdelijk bestuurder. Deze tijdelijke bestuurder moest beoordelen of de overname van het Slotervaartziekenhuis wel moest uitgevoerd.

Vragen? Neem gerust contact op

Het is raadzaam voor partijen in de zorg om de mogelijkheid en het risico van een enquêteprocedure te onderkennen. Mochten er vragen en/of opmerkingen zijn, neem dan gerust contact op met Bart de Ruijter.

Comments are closed.